Het Heilige Roomse Rijk en de Friese vrijheid | Oebele Vries | ISBN 978 94 6471 415 9 | Paperback | 320 pagina’s | verkoopprijs € 27,90 |Dit boek verscheen in januari 2026 bij Noordboek
Recensie door Wiebe Hoekstra, historicus en publicist
Het woongebied van de Friezen maakte in de middeleeuwen deel uit van het Heilige Roomse Rijk, met aan het hoofd een keizer die in theorie de opperste heer van de Friezen was. Lokaal werden de Friezen geregeerd door jaarlijks door henzelf gekozen rechters. Door afwezigheid van een landsheer heeft het feodalisme in de Friese landen geen wortel geschoten. Voor de legitimatie van het ontbreken van een landsheerlijk gezag werd een beroep gedaan op het vrijheidsprivilege of Karelsprivilege dat aan hen verleend zou zijn door Karel de Grote. Dit als dank voor hun leidende rol onder vaandeldrager Magnus Forteman in 799 bij de verovering van de stad Rome voor keizer Karel de Grote.
In Het Heilige Roomse Rijk en de Friese vrijheid geeft historicus Oebele Vries een beeld te geven van de rijkspolitiek van het Heilige Romeinse Rijk tegenover Friesland in met name de vijftiende eeuw. In 1417 vaardigde de Rooms-koning Sigismund een Rijksprivilege uit waarin hij de vrijheid van de van landsheerlijke heerschappij opnieuw bevestigde. Nauwelijks tachtig jaar later, met de komst van Albrecht van Saksen in 1498, werd er van Rijkswegen een einde aan gemaakt. Welke overwegingen en omstandigheden hebben daarbij een rol gespeeld?
Overvloed aan historische feiten
Het boek is een heruitgave van Oebele Vries zijn proefschrift uit 1986. Voor het promotieonderzoek zijn een grote hoeveelheid deels tot dan toe onbekend bronnenmateriaal en documenten geraadpleegd in het Latijn, oud-Duits, oud-Fries en oud-Nederlands. Aanvullend maakte hij gebruik van historiografische werken, zoals oude kronieken en het omvangrijke werk van Ubbo Emmius (1547-1625) over de geschiedenis der Friezen. Vries geeft in zijn dissertatie de nuances en ontwikkelingen op minutieuze wijze zo volledig mogelijk weer.
Ondanks de evenwichtige weergave dreigt de lezer door de grote hoeveelheid historische gegevens het spoor van het algehele geschiedenisverhaal kwijt te raken. Houvast geeft de schrijver door een heldere hoofdstukindeling waarbij hij bij aanvang telkens een kernachtig vraagstelling formuleert die aan het eind helder en beknopt beantwoord wordt. Die analyserende teksten hadden uitgebreider gemogen; ten behoeve van het grotere historische verhaal. Per hoofdstuk is er een uitvoerig notenapparaat en aan het eind van het boek een index.
Er wordt van uitgegaan dat de lezer over de nodige historische achtergrondinformatie beschikt omtrent de Friese geschiedenis in de Middeleeuwen. Het boek zal daardoor niet direct een breed publiek aanspreken. Kaderteksten met uitleg over het Heilig Romeins Rijk, de legende omtrent de Friese Vrijheid, begrippen als feodalisme, gubernator, potestaat, ‘huslotha’, kronieken en een uitwerking van begane excessen door hoofdelingen hadden het boek voor een breder publiek aantrekkelijker gemaakt.

De tekst van het boek staat uitgelijnd over de hele pagina, als één blok tekst zonder wit.
Dat wordt versterkt, doordat illustraties geheel ontbreken, op twee ruw geschetste kaarten na: een van de ‘terrae’ van Ooserlauwers Friesland en een van delen en steden van Westerlauwers Friesland in de tweede helft van de vijftiende eeuw met Westergo, Oostergo en de Zevenwouden. De fraaie omslag met ingekleurde beeltenis van de Friese vrijheidsmaagd, uitgerust met zwaard en privileges uit 1622 van Pierius Winsemius is zéér toepasselijk.
Verdieping
Oebele Vries geeft verdieping aan het thema Friese vrijheid. Veertig jaar na publicatie staat zijn onderzoek nog als een huis. In een nawoord geeft hij enkele aanvullingen op zijn studie aan en soms ook correcties, maar voor de lezer zijn het vaak details. Eén ding springt er in de aanvullingen uit: Friese kruisvaarders zouden in de stadsrepublieken van Italië het idee van potestaatschap hebben leren kennen. Het blijken echter Friese studenten aan de universiteit van Bologna te zijn geweest die het begrip hier hebben geïntroduceerd.
-p. 24-25 De ‘terrae’ van Oosterlauwers Friesland
-p. 74 Landen en steden van Westerlauwers Friesland in de tweede helft van de vijftiende eeuw