Bomen in gelid,
geworteld in dit land,
door hun takkruinen
waaien geruchten
zwaarder dan stortregens.
In tijden van oorlog
marcheren mannen
voorbij met plannen,
ze vertrekken
met staart tussen benen
of ondergronds.
Hun jaren en namen
vergeefs vergoten
in jaarringen der stammen.
Aarde slurpt bloed
van beide kanten.
Langs onze takken
zweeft ’n wittig pluisje
met elke wind mee,
zonder thuiskomst.
Vrede leeft enkel
ongeschoten.
Wij, oude bomen,
stellen slechts één vraag:
Wanneer
wordt stilte weer vrede
en wacht geen adem meer
op ’t laatste schot?
© Elsijn Eelsingh