Categorieën
Columns Geschiedenis Juridisch Politiek

POLITIEKE COLUMN: DE CRUX ZIT IN HET ABSOLUTE VETORECHT

Novelle noch terugzendrecht zijn de principiële oplossing voor ‘het probleem’ Eerste Kamer.

Door Bert van den Braak op Parlement.com

Terecht wees Anne Bos er in haar column van 17 april op dat de novelle een noodgreep is. Net als de Staatscommissie-Remkes ziet zij het terugzendrecht als middel ter verbetering van de rol van de Senaat bij wetgeving. Dat is het evenwel niet zolang die Kamer een absoluut vetorecht heeft. Bij behoud van het tweekamerstelsel (waar argumenten vóór zijn) moet eerst deze vraag worden beantwoord: waarom heeft de indirect gekozen Eerste Kamer als het om wetgeving gaat, meer macht dan de rechtstreeks gekozen Tweede Kamer? Ik heb nooit een antwoord op die vraag gehoord, ook niet van de Staatscommissie-Remkes. Ongetwijfeld is dat omdat er geen adequaat antwoord is.

Tegenwoordig wordt door velen, onder wie politici, vaak met stelligheid beweerd dat de Eerste Kamer niet te ‘politiek’ moet zijn, want de Senaat zou er immers alleen zijn om de kwaliteit (in brede zin) van wetgeving te beoordelen. Los van het feit dat ook de vraag of een wet ‘goed’ of ‘slecht’ is uiteindelijk een politieke vraag is, is er geen enkele staatsrechtelijke regel die beoordeling van wetgeving aan criteria verbindt. Het enige wat de Eerste Kamer moet doen is als laatste ‘ja’ of ‘nee’ zeggen tegen voorliggende wetsvoorstellen.2)

In de jaren zeventig is er – met goedkeuring van de Raad van State – een merkwaardige toevoeging gekomen. Toen in 1974 de vraag voorlag of de Eerste Kamer mocht verzoeken om inhoudelijke wijziging van een nog aanhangig wetsvoorstel (via een novelle), zei de Raad: ‘ja, als het maar niet te vaak gebeurt’.3) Ik citeer de Leidse kenner van het parlement Gerard Visscher nog maar eens: het is alsof je tegen een potentiële dief zegt, ‘je mag inbreken, als je het maar niet te vaak doet.’

Leest u verder via: https://www.parlement.com/column/202604/de-crux-het-absolute-vetorecht