De voortzetting van een bestuurspraktijk waarin klachten tegen de burgemeester niet inhoudelijk worden getoetst en met zijn instemming worden afgehandeld
Door Gerard Jorna
In een vorig artikel heb ik beschreven hoe Julie Bruijnincx, als vicevoorzitter van de raad en voorzitter van het presidium, bij de afhandeling van de klacht van 8 augustus 2020 de deur heeft opengezet voor een bestuurspraktijk waarin klachten tegen de burgemeester niet inhoudelijk worden beoordeeld, maar via het presidium worden ingebed in een bestuurlijke lijn die met hemzelf is afgestemd.
Wat toen zichtbaar werd, blijkt in 2022 geen incident, maar een bestendige werkwijze.

Een klacht over het fundament van het onderzoek
Op 2 januari 2022 diende ik opnieuw een klacht in tegen burgemeester Sybrand Buma en griffier Frans van der Heide. Deze klacht zag niet op de uiteindelijke conclusies van het integriteitsonderzoek tegen raadslid Selo Boxman, maar op het begin ervan: het vooronderzoek van 10 oktober 2019. Dat was het gesprek waarin moest worden vastgesteld of er voldoende aanleiding bestond een integriteitsonderzoek in te stellen en om een extern bureau in te schakelen.
In mijn klacht heb ik uiteengezet dat dit vooronderzoek geen open en onbevangen verkennend karakter had, dat reeds tijdens dat gesprek werd gesproken over het inschakelen van een extern bureau, dat het presidium in positie werd gebracht voordat een onafhankelijke vaststelling van feiten had plaatsgevonden en dat het gespreksverslag geen getrouw beeld gaf van wat daadwerkelijk was besproken. De klacht werd onderbouwd met een geluidsopname en een volledige transcriptie van het zogenaamde vooronderzoek. Daarmee werd de legitimatie van het integriteitsonderzoek zelf ter discussie gesteld.

De eerste reactie: zoeken naar een formele route
De met een beroep op de Woo verkregen interne correspondentie laat zien hoe de klacht werd benaderd. Op 10 januari 2022 mailt griffier Van der Heide aan burgemeester Buma: “Ik ga met Jan Harmen overleggen om te kijken wat we nu verder voor actie moeten ondernemen en wie we daar in moeten betrekken om ervoor te zorgen dat we de goede dingen doen.”
De klacht was mede tegen de burgemeester gericht. Toch vindt vanaf het eerste moment overleg plaats tussen de beklaagde griffier en de beklaagde burgemeester over de wijze van afhandeling van de klacht.
In de daaropvolgende correspondentie verschuift de aandacht niet naar de inhoud van de klacht, maar naar de vraag of de klacht nog wel behandeld hoeft te worden. Op 11 januari wijst een juridisch adviseur op artikel 9:8 Awb, dat de mogelijkheid biedt een klacht niet te behandelen wanneer de gedraging langer dan één jaar geleden heeft plaatsgevonden. Het vooronderzoek dateert van 10 oktober 2019. Daarmee lijkt een formele grond gevonden om de klacht af te wijzen.

De burgemeester als portefeuillehouder
Bij de voorbereiding van het raadsvoorstel wordt zichtbaar hoe die lijn bestuurlijk wordt vastgelegd. Op de oplegger staat burgemeester Buma als portefeuillehouder vermeld, terwijl de klacht mede tegen hem is gericht. In een situatie waarin het handelen van de burgemeester zelf onderwerp van een klacht is, ligt het voor de hand iedere betrokkenheid van hem bij de voorbereiding van de afdoening te vermijden of tenminste expliciet afstand te organiseren.
Uit de e-mailwisseling blijkt echter dat het voorstel om de klacht niet te behandelen met hem wordt afgestemd. In de interne correspondentie staat letterlijk: “Sybrand is akkoord!”
Daarmee wordt duidelijk dat de burgemeester instemt met het voorstel om een klacht tegen hemzelf niet inhoudelijk te behandelen. Formeel besluit de raad, maar materieel wordt de gekozen route binnen de griffie voorbereid en afgestemd met degene over wie wordt geklaagd.

De rol van het presidium en Julie Bruijnincx
In 2022 is Julie Bruijnincx vicevoorzitter van de raad en voorzitter van het presidium. Dat is niet slechts een titel. Het presidium bepaalt welke stukken op welke wijze aan de raad worden voorgelegd en in welke procedure zij worden behandeld.
De klacht van 2 januari 2022 wordt niet in een afzonderlijke klachtprocedure gebracht, maar via een raadsvoorstel geagendeerd. Dat voorstel passeert het presidium, dat onder voorzitterschap van Bruijnincx de route vaststelt. Vervolgens wordt namens de raad een brief verzonden waarin de klacht buiten behandeling wordt gelaten. De vicevoorzitter Bruijnincx ondertekent die brief.

De klacht bevatte niet alleen een juridisch betoog, maar verwees expliciet naar het karakter van het vooronderzoek zelf. Uit de geluidsopname en de transcriptie bleek dat tijdens het gesprek van 10 oktober 2019 reeds werd gesproken over het inschakelen van een extern bureau en het informeren van het presidium. De klacht stelde dat in die setting – twee functionarissen tegenover één raadslid, met een extern onderzoek reeds in het vooruitzicht – het gesprek door de setting een sterk intimiderend karakter had gekregen.
Als voorzitter van het presidium had Julie Bruijnincx kennis van deze onderbouwing. Zij had ook de geluidsopname ontvangen en kunnen horen op welke wijze Selo Boxman in het vooronderzoek was bejegend en daarmee vaststellen waarop het verwijt was gebaseerd.

Dat is niet zonder betekenis. Binnen de Vereniging van Raadsleden vervult Bruijnincx de portefeuille belangenbehartiging van raadsleden en spreekt zij zich publiekelijk uit over bescherming van volksvertegenwoordigers tegen druk en intimidatie. De klacht van 2 januari 2022 betrof juist de wijze waarop een raadslid in een integriteitscontext was geconfronteerd met de aankondiging van een extern onderzoek. In die constellatie lag een onafhankelijke inhoudelijke beoordeling voor de hand.
Die beoordeling heeft niet plaatsgevonden.
De formele grond betwist
De keuze om de klacht niet te behandelen omdat de gedraging langer dan één jaar geleden heeft plaatsgevonden heb ik gemotiveerd bestreden. In mijn brief van 16 maart 2022 heb ik de raad erop gewezen dat artikel 9:8 Awb ziet op gedragingen jegens de klager zelf, maar dat de verweten gedragingen zich jegens mevrouw Boxman hadden voorgedaan, en zij was niet de klager. Op deze inhoudelijke tegenwerping is in de verdere besluitvorming niet inhoudelijk gereageerd.

In plaats daarvan volgde op 7 april 2022 een brief van de locoburgemeester Hein de Haan en de adjunct-griffier Coco Hoving waarin de eerdere afdoening werd bevestigd en werd medegedeeld dat de klachtprocedure was afgerond. De inhoudelijke discussie werd daarmee niet gevoerd, maar bestuurlijk afgesloten. Dat deze brief niet namens de gemeenteraad was ondertekend en daarmee naar mijn oordeel niet rechtsgeldig was, heb ik op 18 april 2022 aan de raad bericht, maar een antwoord is uitgebleven.
Tot slot
Wat in 2020 zichtbaar werd, herhaalt zich in 2022. Een klacht tegen burgemeester en griffier wordt niet inhoudelijk beoordeeld, de beklaagde burgemeester is betrokken bij de voorbereiding van de afdoening en het presidium organiseert geen zelfstandige afstand.
Daarmee heeft de raad, onder vicevoorzitterschap van Julie Bruijnincx, zijn controlerende positie ten opzichte van de burgemeester feitelijk prijsgegeven en zijn onafhankelijkheid gecompromitteerd. Waar juist bij een klacht over het handelen van de burgemeester onafhankelijke toetsing geboden is, wordt gekozen voor afstemming met hem en voor een formele route die inhoudelijke beoordeling vermijdt.

Het gevolg is dat het handelen van de burgemeester zich in deze constellatie in belangrijke mate aan effectieve controle kon onttrekken.
Dat is de betekenis van deze wijze van afdoening.
De gang van zaken in 2020 en 2022 laat geen losse incidenten zien, maar een institutioneel problematische bestuurspraktijk.
De vraag is niet langer wat er in één klachtprocedure is misgegaan, maar wanneer en hoe deze werkwijze binnen de raad als aanvaardbaar is gaan gelden. Op welk moment is de controlerende rol van de raad verschoven van onafhankelijke toetsing naar bestuurlijke afstemming?

Om dat te begrijpen moet worden teruggegaan naar de periode waarin Eline de Koning (PvdA) vicevoorzitter van de raad en voorzitter van het presidium was, met de vraag welke keuzes toen zijn gemaakt in de omgang met het integriteitsonderzoek tegen Selo Boxman. Daarbij moet in het bijzonder worden gekeken naar haar verantwoordelijkheid als voorzitter van de werkgeverscommissie van de raad, voor de sleutelrol van griffier Van der Heide in het integriteitsonderzoek tegen Selo Boxman.
Die analyse volgt.
Geraadpleegde bronnen:
Klacht d.d. 2 januari 2022 tegen de burgemeester van Leeuwarden en de griffier van de gemeenteraad van Leeuwarden wegens vooringenomenheid en onzorgvuldigheid in het integriteitsonderzoek tegen het voormalig raadslid van Lijst058, Selo Boxman: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/3d3df03c-213f-4026-8055-710d446df270?documentId=e3220fb0-95f4-4960-984a-fca5192d1d79
Toelichting bij de klacht van 2 januari 2022: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/3d3df03c-213f-4026-8055-710d446df270?documentId=d47c947e-5dfa-4b2d-b48d-aa895b772ee2
Oplegger raadsvoorstel d.d. 16 februari 2022: afdoening klacht: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/d924ecfc-46c4-4677-81d9-3a92a40d574a?documentId=3f27537c-41cc-4229-b708-0a6d83bd9d51&agendaItemId=1deb40dc-1adf-47fb-9f9e-722b91242f86
Raadsvoorstel d.d. 16 februari 2022: afdoening klacht: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/d924ecfc-46c4-4677-81d9-3a92a40d574a?documentId=7b82d397-0d90-413e-8dad-2b98db0b7a93&agendaItemId=1deb40dc-1adf-47fb-9f9e-722b91242f86
Antwoordbrief d.d. 16 februari 2022: afdoening klacht: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/d924ecfc-46c4-4677-81d9-3a92a40d574a?documentId=7a5a021c-4356-4b6e-aaaa-48d84965bae9&agendaItemId=1deb40dc-1adf-47fb-9f9e-722b91242f86
Antwoord d.d. 16 maart 2022 op de afdoening klacht van 2 januari 2022 door de gemeenteraad van Leeuwarden: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/d92fb0fe-189b-4f55-8b88-827295adaef2?documentId=7f0fa5b0-1800-4c5a-b31d-c22b26b5cad8
Brief d.d. 7 april 2022 van de locoburgemeester en adjunct-griffier: afhandeling klacht: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/deb6a89f-e55f-4da7-b5d1-8c6cde4e6d12?documentId=1b4da9b9-a1d8-43e5-b97d-4b7d72ec0283
Brief aan de gemeenteraad van Leeuwarden d.d. 18 april 2022 betreffende afdoening klacht door locoburgemeester en adjunct-griffier: https://leeuwarden.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/8e372501-900d-4b54-864d-045aed4b41f8?documentId=cb7528d6-34a3-4e1c-baee-0be88b7b0649