Door Jacoline Engelmoer, lijsttrekker Nieuw Sociaal
Regelmatig spreek ik meiden die ’s avonds vanuit de kroeg of de sportschool naar huis fietsen. Ze lachen het weg, maar ergens hoor je het echte verhaal: dat ze hun sleutelbos alvast in hun hand houden, dat ze een vriendin vragen om mee te lopen, dat ze een omweg nemen omdat een bepaald stuk te donker voelt. Het zijn kleine momenten die je alleen herkent als je ze zelf hebt meegemaakt. En elke keer denk ik: wie neemt dit soort ervaringen straks mee naar de raadszaal? Wie begrijpt dit zonder uitleg?
Die vraag werd urgenter toen ik de cijfers voor de komende gemeenteraadsverkiezingen zag. Onze raad telt 37 zetels, waarvan 15 door vrouwen worden bezet. Dat is nog geen 41%, maar het is een groep die laat zien dat vrouwen thuishoren in het lokale bestuur. Voor 2026 staan er 298 kandidaten op de lijsten, waarvan ruim 100 vrouwen. Dat lijkt veel, maar het betekent óók dat bijna twee derde van de lijsten uit mannen bestaat. En dat verschil bepaalt uiteindelijk wie er aan tafel zit wanneer er besluiten worden genomen over veiligheid, leefbaarheid, zorg en voorzieningen. Vier van de twaalf partijen hebben een vrouwelijke lijsttrekker. Hoopvol, maar nog altijd geen afspiegeling van de samenleving waarin we leven.

En toch gaat dit verhaal niet alleen over vrouwen. Want iedereen kijkt eerst vanuit zichzelf: hoe oud je bent, waar je vandaan komt, hoe je leeft, wat je hebt meegemaakt, wie je liefhebt, hoe je je beweegt door deze gemeente. Jong of oud, nieuwkomer of geboren en getogen, LHBTQIA+ of hetero, alleenstaand of mantelzorger — iedereen draagt een ander stukje werkelijkheid met zich mee. Ik gebruik nu het voorbeeld van vrouwen omdat dat dichtbij me staat, maar je kunt dit verhaal schrijven voor elke groep die zich niet altijd gezien voelt. Voor jongeren die zeggen dat er te weinig plekken zijn om elkaar te ontmoeten. Voor ouderen die zich zorgen maken over zorg en bereikbaarheid. Voor ouders die worstelen met jeugdzorg. Voor sporters die hun vereniging overeind proberen te houden. Voor iedereen die hier leeft, werkt, liefheeft en hoopt.
Maar de zorg die ik nu voel, gaat wél specifiek over vrouwen. Omdat hun vertegenwoordiging dreigt terug te lopen. Omdat hun ervaringen — zoals dat meisje dat ’s avonds naar huis fietst — niet vanzelfsprekend op tafel komen als er te weinig vrouwen aan die tafel zitten. Niet omdat vrouwen beter zijn, maar omdat hun perspectief anders is. En juist die verschillen maken een gemeenteraad completer, evenwichtiger en dichter bij de werkelijkheid van de inwoners.
Daarom voelt stemrecht voor mij nooit als een formaliteit. Het is een kans. Een kans om te bepalen wie jouw verhaal meeneemt naar de plek waar besluiten worden genomen. Een kans om te kiezen voor de persoon waarvan jij denkt dat die jou begrijpt, jouw ervaringen kent en jouw zorgen serieus neemt. Want dit gaat over jouw leefomgeving, jouw straat, jouw sportvereniging, jouw jeugdzorg, jouw toekomst.
Op 18 maart krijgen we die kans. Niet om te stemmen op een bepaald geslacht of een bepaalde groep, maar om bewust te kiezen. Om te kiezen voor iemand die jouw werkelijkheid ziet.. Want als we dat doen, krijgen we een gemeenteraad die ons echt weerspiegelt. Een raad die laat zien dat Súdwest-Fryslân van ons allemaal is.