Wie het nog niet op het nieuws heeft gezien, heeft het wel gemerkt bij het tanken. Er is (weer) oorlog in het Midden-Oosten. Dit keer met een extra groot probleem, de straat van Hormuz is gesloten. Hierdoor vindt de wereld zich nogmaals in een energiecrisis. In reactie hierop heeft het Internationale Energie Agentschap een aantal adviezen opgesteld om olie te besparen. Deze adviezen gaan van redelijke adviezen, zoals thuiswerken waar mogelijk, tot behoorlijk ingrijpend. Er is één advies dat het kabinet absoluut over moet nemen: Het gebruik van openbaar vervoer promoten.
Het promoten van openbaar vervoer is namelijk enorm makkelijk en heeft een redelijk lage maatschappelijke impact. Het enige wat er echt voor nodig is, is het verlagen van de prijs. Voor studenten wordt het openbaar vervoer al betaald van belastinggeld, en zij gebruiken het openbaar vervoer in grote maten. Dit laat wel zien hoe makkelijk het is voor een regering om het gebruik van het openbaar vervoer te promoten.
Het openbaar vervoer goedkoper maken heeft grote voordelen. Het openbaar vervoer gebruikt een stuk minder brandstof om mensen te transporteren als iedereen in een eigen auto. Een voordeel dat groter wordt naarmate meer mensen het OV gebruiken. Hiernaast is er nog een ander effect. Naarmate er meer mensen het openbaar vervoer gebruiken, zijn er minder auto’s op de weg. Dit zorgt ook direct voor minder filevorming, wat op zijn beurt weer minder brandstof verspilt.
Naast het besparen van brandstof op de korte termijn heeft het ook voordelen op de lange termijn. Het staat namelijk in de planning dat alle bussen in Nederland klimaatneutraal moeten zijn in 2030. Het gebruik van meer openbaar vervoer zou ons in de toekomst dus ook beter bestand maken tegen eventuele toekomstige oliecrisissen, en helpt het Nederland om de klimaatdoelen te halen.
Naast een duidelijke besparing van brandstof heeft goedkoper OV nog meer voordeel. Er zijn namelijk ook mensen die geen auto hebben. Allereerst zijn er mensen die vanwege lichamelijke problemen geen auto kunnen rijden. Hiernaast zijn er ook mensen die het niet kunnen betalen om een auto te kopen en onderhouden. Beide groepen hebben al behoorlijk last van de hoge kosten van het openbaar vervoer. In de Nederlands politiek wordt er dan gesproken over vervoersarmoede. Het openbaar vervoer goedkoper maken zou deze vervoersarmoede ook direct aanpakken.
Een bezwaar dat iemand wellicht zou hebben, zijn de kosten. Maar de kosten zijn veel lager dan men wellicht zou denken. Ondanks dat een kaartje voor de bus of trein in Nederland ontzettend duur is, wordt het Nederlandse openbaar vervoer grotendeels betaald uit belastinggeld. Door slechts een klein beetje extra te investeren in het openbaar vervoer, zouden we als land veel meer waar voor ons geld krijgen en een goede stap maken om brandstof te besparen.
Hessel Kuiken, commissielid SP-Statenfractie Fryslân