Door Henk Politiek
Den Haag: De Minderheid die doet alsof ze de Meerderheid is
Daar staat hij dan, Rob Jetten. De man die Nederland gaat leiden met een minderheidskabinet van 66 zetels. Hij noemt het een ‘Kabinet van Samenwerking’. In de wandelgangen van Washington (Bloomberg) fluistert men echter al over een “kabinet van noodgrepen”. Het is een politiek experiment waarbij de VVD en het CDA als een soort liberale en christelijke bijrijders in de elektrische auto van D66 zijn gestapt, hopend dat de accu de vier jaar haalt.

De rol van de VVD is hierbij bijzonder tragisch-komisch. De partij die ooit ‘law and order’ en lage lasten predikte, tekent nu voor een verhoging van het eigen risico en een ‘vrijheidsbijdrage’ van 3 miljard voor defensie. De VVD fungeert in dit kabinet als de ‘linkse kruiwagen’ met een rechts stickertje erop; ze leveren de ministers, maar de agenda is een mengelmoes van D66-idealisme en CDA-bezuinigingsdrift. De rechtse kiezer die dacht op de VVD te stemmen om de PVV buiten te sluiten, krijgt nu een beleid dat door Jetten wordt gedirigeerd. Het is alsof je een biefstuk bestelt en een tofu-burger krijgt omdat de ober vindt dat dat “beter is voor de samenwerking in de keuken”.

Súdwest-Fryslân: Het Labyrint van de Ambities
Terwijl Den Haag droomt van mondiale invloed, worstelt de raad in Súdwest-Fryslân met de harde Friese klei. De grootste flater van het afgelopen jaar — de autoluwe binnenstad van Sneek — suddert na als een slecht gebakken visje op de markt. Het plan was simpel: auto’s eruit, gezelligheid erin. De realiteit? De auto’s zijn weg, maar de klanten blijkbaar ook.
De uitdaging voor onze lokale politici is bijna surrealistisch. Men wil een ‘bruisende binnenstad’, maar de enige die bruist is de ondernemer die zijn huur niet meer kan betalen door de leegstand. De raad debatteert over de ‘beleving’ van de Singel, terwijl de winkelstraten langzaam veranderen in een decor voor een post-apocalyptische film over de teloorgang van de baksteenwinkel. De ‘Sneek-centrische’ blik van de raad zorgt er bovendien voor dat de dorpen rondom IJlst en Bolsward zich afvragen of ze nog wel op de kaart staan, of dat ze alleen nog dienen als wateropvang voor de ambities van de stad.

De Conclusie
Het is overal hetzelfde liedje: in Den Haag maskeert men de zwakte van een minderheid met de term ‘samenwerking’, en in Súdwest-Fryslân maskeert men het gebrek aan winkelend publiek met de term ‘verblijfskwaliteit’. We worden geregeerd door optimisten die de weg kwijt zijn, maar wel heel enthousiast naar de kaart blijven kijken.