Een steen is hier gegroeid, god weet hoe. Uit
speelgoed misschien, uit de vergeten namen
van kleine behulpzame dieren, uit het geluid
dat wind maakt in een donkere kast. Uit tranen.
Een steen wit als de dagen voordat school
het licht uitknipte; glanzend, dichtbij grond,
roze doorgroefd en rond. Een steen om nooit
opzij te leggen, om lang in je mond
te dragen, om nog juist niet in te stikken.
(Vissen bestaan er, die
doen dat met pasgeboren broed, tot het
te groot wordt en weg moet, of doorgeslikt.)
O al de keren
dat ik hen riep, ver voor hen uit en niet
van plan te blijven staan tot zij klaar waren
met stenen opwarmen tegen hun huid.
Eva Gerlach
Foto © Els Brouwer