Beste Tinus,
Een buurtbewoner die de Leeuwarder Courant iedere dag grondig leest, liet zich met verbazing uit over de oppervlakkige columns van Sylvana IJsselmuiden, die om de veertien dagen verschijnen. Vanwege die nadrukkelijke opmerking nam ik de moeite om er twee van haar te lezen. En mijn buurtbewoner heeft gelijk: deze columniste produceert geen indrukwekkende tekstuele bijdragen.

Ergens kan ik me nog herinneren dat ze door LC-chef Pennewaard aan de lezers enthousiast werd voorgesteld. En dat is natuurlijk een te waarderen gebaar. Vanaf haar debuut las ik geen columns van haar, uitgezonderd de laatste twee. Bij de column van IJsselmuiden staat dat ze presentatrice, actrice en ook socialemedia- en tv-persoonlijkheid is. Toe maar! Ik hoop dat ze in al deze werkzaamheden van meer betekenis is, dan met het schrijven van verhaaltjes in de LC.
Ergens bekruipt me het gevoel dat IJsselmuiden niet de enige is in dit polderland die maar wat kletst en daarvoor ook nog een podium krijgt. Hoeveel bekende Nederlanders komen niet dagelijks op en in de media met het rondbazuinen van onbeduidende ditjes en datjes? Veel te veel natuurlijk!

Vanwege deze gang van zaken nemen mensen afstand van media. LC-chef Pennewaard herkent deze gang van zaken uiteraard. En hoeveel heeft hij nog daadwerkelijk te vertellen? De grote lijn krijgt hij opgediend door de bazen van Mediahuis. Hoe dan ook, IJsselmuiden is een soort van pretletter zonder serieuze bedoeling. Oftewel bladvulling.
Groeten van Tina
Allerliefste Tina,
Wat fijn om weer van je te horen! Die columnisten van het Leeuwarder sufferdje, waar je over begon…ach, ik vind er niet één geestig, werkelijk geen enkele. Af en toe komt Jantien de Boer nog met een aardige insteek, uitzonderlijk. Doorgaans is het waardeloos geneuzel. Ook langschrijver Oomen op zaterdag vind ik drie-keer-niks. Krijgt hij een keertje kritiek, dan tuimelt hij geïrriteerd over de lezer heen om zijn gelijk te halen.

Verstand heb ik er niet van, maar volgens mij moét een columnist nu juist prikkelen en schuren, zelfs tergen. Dat is zijn, of haar, taak: de grenzen opzoeken. Met een nèt even andere kijk op de dingen. Kritiek moet de columnist koesteren, dat is de beloning. Een columnist is het irriterende steentje in de wandelschoen van de krant.
Hadden ze bij de LC nou maar één columnist die de hele boel daar elke week, desnoods tweewekelijks, ‘ns lekker op de hak neemt! Lezers hunkeren er naar. Het is mij bij die brave autoriteitenkrant allemaal veel te netjes en inschikkelijk, aldoor keurig in de pas met het gezag, het gaat meestal over niks. Er mag vooral niemand tegen de schenen worden geschopt, want elke abonnee is er één en de LC heeft er al steeds minder: geen wonder…
Alles wat een column niét moet zijn, lees je in de LC.

Die malle Sylvana: journalistieke onanie, en wàs net nou nog journalistiek… Haar tenenkrommende schoolkrantverhaaltjes: de meeste zinnen van haar wekelijkse prutsstukjes beginnen ook nog met ik! Ik dit en ik dat. Is ze op vakantie, dan moet de lezer weten dat ‘ik’ bij het ontbijt ‘dwars’ door de mand viel. Zo valt Sylvana, die zichzelf ‘influencer’ vindt, bij de lezer ook door de mand met haar verslagje over een medepassagier die er wat van durfde zeggen dat het zelfingenomen mokkel in de trein ging zitten make-uppen! In haar column spreekt Sylvana schande van die medereiziger. Daar steken LC-lezers wat van op, al zullen de meesten denken: wat moeten wij met al de ego-verhalen van die troela?

Thuis hebben wij dat zieltogende krantje nog wel, vooral omdat er in deze provincie niks anders is. Maar ik moet beamen: het is diepdroevig.
Heb jij nog wat leuks, Tina? Wat grappigs? Ik verlang zo naar grappige dingen, naar komische of rake teksten die we bij de Leeuwarder dagelijks ontberen.
Liefs & hartelijks van je
Tinus