Categorieën
Beleid Commentaar Politiek Súdwest Wonen

POIESZ KOUDUM: GEMEENTE BLIJFT VALS SPELEN

In eerdere bijdragen heb ik uitgebreid beargumenteerd waarom het vertrek van de Poiesz uit de Hoofdstraat in Koudum geen goede zaak is. Niet omdat ook ik niet een grotere Poiesz lekkerder zou vinden. Maar omdat daarmee de winkelkern van Koudum en dus de leefbaarheid van mijn dorp aangetast wordt. Zie https://www.brekt.nl/rob-goedhart-verhuizing-poiesz-supermarkt-in-koudum-geen-goed-plan/ en https://www.brekt.nl/rob-goedhart-verhuizing-poiesz-supermarkt-in-koudum-geen-goed-plan-2/

Verder heb ik al geconstateerd dat de gemeente – in deze casus onder leiding van wethouder Bauke Dam – vals spel speelt. Zie https://www.brekt.nl/wat-als-over-de-poiesz-supermarkt-in-koudum/

De basis van alles blijft: Poiesz wil bouwen op het perceel aan de Tjalke van der Walstraat, terwijl daar geen supermarkt mag komen! Dat staat in het bestemmingsplan. In principe moet iedereen zich aan zo’n bestemmingsplan houden. Ook een gemeente.

Eengezinswoningen met ook een douche op de begane grond omdat het moest volgens het bestemmingsplan. © Rob Goedhart

In mijn wijk (uit de 90-tiger jaren) zijn er de afgelopen jaren een paar huizen bij gebouwd. Deze mensen moesten op de benedenverdieping (ook) een douche maken. Dat was onlogisch, want boven zijn de slaapkamers. Maar als ze het niet deden dan zouden ze bouwen ‘in strijd met het bestemmingsplan’ en zou de gemeente geen vergunning verlenen.

Toch staat de wet toe dat – als het bestemmingsplan iets verbiedt – dat verbod niet hoeft te gelden. Maar…….. dan moet er wel een goede ruimtelijke onderbouwing zijn.  

In het geval van Poiesz in Koudum heeft de gemeente (zelf) die onderbouwing in de vergunning niet gegeven. Desgevraagd zegt de gemeente dat het aan de initiatiefnemer (lees Poiesz) is om de onderbouwing aan te leveren.

Ik kan me goed voorstellen dat de initiatiefnemer moet uitleggen waarom hij bijvoorbeeld een muur van 3 meter wil, terwijl bestemmingsplan zegt dat een muur maximaal 2 meter hoog mag zijn.

Maar in het geval van Poiesz in Koudum mag je toch niet vragen aan Poiesz om aan te tonen dat die supermarkt aan de Tjalke van der Walstraat zou mogen komen? Want duh! Natuurlijk vindt Poiesz dat.

Nee, in dit geval is het – wat mij betreft – de gemeente die moet beargumenteren waarom die supermarkt daar toch wel mag komen.

Rechtbank Noord Nederland Noord Nederland in Groningen kreeg een verzoek voorgelegd de vergunning per direct te schorsen.

In een rechtszaak op 6 mei 2026, waarbij aan de rechter gevraagd werd om de vergunning aan Poiesz voorlopig op te schorten, vroeg de rechter aan de gemeente waarom de gemeente vond dat er aan de Tjalke van der Walstraat toch een supermarkt mag komen.

De gemeente speelde op dat moment weer heel vals spel.

In 2019 heeft de gemeente een zogenaamde Detailhandelsstructuurvisie opgesteld (DSV). Dat zijn niet zomaar een paar gedachten op papier. Nee, een document waaraan initiatieven – zoals dat van de Poiesz – getoetst moeten worden.

In de Detailhandelsstructuurvisie hebben college van B&W én gemeenteraad vastgelegd hoe er met winkels in Súdwest-Fryslân moet worden omgegaan.

Over Koudum zegt het document: “Koudum heeft een heldere en geconcentreerde detailhandelsstructuur waarbij het boodschappenaanbod sterk geconcentreerd is. De supermarkt bevindt zich in de hoofdwinkelstraat.”

En: “Qua structuur strookt de uitgangssituatie met het streven naar geconcentreerde detailhandelsconcentraties met daarin trekkers.” Met ‘trekkers’ worden voornamelijk supermarkten bedoeld. Winkels die naar hun aard veel publiek trekken.

Verder staat er: “De Hoofdstraat met een deel van De Verlengde Hoofdstraat is een logisch kernwinkelgebied met de Hoogstraat als verbinding. Deze sterke concentratie moet worden gehandhaafd en waar mogelijk versterkt. Buiten het kernwinkelgebied moet nieuwvestiging van detailhandel worden voorkomen.”

Hoe duidelijk kun je het hebben? De Tjalke van der Walstraat ligt buiten het kernwinkelgebied. Appeltje eitje: daar mag geen supermarkt komen!

Gemeente doet aan cherry-picking.

‘Toch wel’ zegt de gemeente tegen de rechter. In de Detailhandelsstructuurvisie is namelijk bepaald dat er voor supermarkten een uitzondering mag worden gemaakt. Eerst staat er in het document hoe de gemeente in Sneek en Bolsward met supermarkten om zal gaan.

Dan leest de medewerker van de gemeente de volgende passage voor aan de rechter: “Voor de overige supermarktkernen (Workum, Makkum, Heeg, IJlst, Scharnegoutum, Koudum, Witmarsum en Woudsend en Wommels) vinden we het vooral van belang dat het huidige supermarktaanbod minimaal in stand blijft en dat de supermarkten goed per auto en fiets bereikbaar zijn voor de inwoners en bezoekers van de winkelkernen.”

Zo van: als er in Koudum maar een supermarkt is dan doet de rest er niet toe.

Maar de medewerker vertelt niet aan de rechter wat er daarna in de Detailhandelsstructuurvisie staat. Namelijk: “Initiatieven mogen – blijkens onafhankelijk onderzoek – in ieder geval geen negatieve effecten hebben op het functioneren van de aangewezen kernwinkelgebieden. Directe nabijheid van het kernwinkelgebied (indien dat in DSV is aangewezen) is uitgangspunt. Daarbij noemen we een richtlijn van 250 meter. Vestiging op of in de directe nabijheid van de bestaande locaties heeft daarbij de duidelijke voorkeur.”

Dus: het initiatief van Poiesz om van de Hoofdstraat naar de Tjalke van der Walstraat te verhuizen mag geen negatief effect hebben op de andere winkels. Maar dat heeft het wel!

Uit een onderzoek dat nota bene door Poiesz zelf is aangeleverd staat heel duidelijk aangegeven hoe de klandizie van overige winkels achteruit loopt als een supermarkt uit het zicht van die winkels verdwijnt. Die achteruitgang is bij deze verplaatsing desastreus!

Verder moet – volgens de gemeente – de supermarkt in de buurt van het kernwinkelgebied blijven. Maximaal ongeveer 250 meter.

Poiesz geeft zelf aan dat de afstand beoogde vestiging – Hoofdstraat ongeveer 300 meter is. Dat is al 20% meer dan wat de gemeente aangeeft.

Maar dat is hemelsbreed gemeten.

Vanaf het terrein van de beoogde vestiging van Poiesz is er door begroeiing en bebouwing geen zicht op het kernwinkelgebied. © Rob Goedhart

Wie via de stoep naar het hart van het kernwinkelgebied loopt (ongeveer bij It Kofjehûske) ziet op Google Maps dat hij 450 meter moet lopen. Dat is 40% meer dan de gemeente aanhoudt! Zo’n afwijking kan natuurlijk niet.

Zie overigens hoever de andere winkels van de beoogde vestiging van Poiesz komen te zitten. Veel verder dan 250m!

In deze tabel de afstanden van de winkels tot Poiesz Koudum op de huidige positie (Hoofdstraat) en op de beoogde positie (Tjalke van der Walstraat) in meters en minuten. Bron Google Maps.

Kortom: als de gemeente zich zou houden aan de eigen regels en niet vals zou spelen dan had de vergunning nooit aan Poiesz mogen zijn gegeven.

Ik ben benieuwd of de rechter dat ook vindt. Zo niet, dan zijn we als burgers vogelvrij. Een gemeente kan dan alles aan zijn laars lappen als haar dat goed uit komt. Niet zo vreemd dat er Nederlanders zijn die zo langzamerhand genoeg hebben van zo’n onbetrouwbare overheid.

Rob Goedhart