Door Nieuw Sociaal
Bewoners van de Dr. Boumaweg maken al langere tijd melding van structureel te hard rijden en verkeersonveilige situaties. Een deel van de Dr. Boumaweg is ingericht als 30 km/uur-zone, maar een groot gedeelte is dat nog niet. Dit zorgt volgens bewoners voor een onduidelijke en onveilige
verkeerssituatie, waarbij de weg wordt ervaren als een “racebaan”.
Op 26 september 2025 en 30 december 2025 hebben zich twee verkeersongevallen voorgedaan waarbij fietsers letsel hebben opgelopen en waarbij de politie betrokken is geweest. Bewoners geven aan dat er
vaker gevaarlijke situaties zijn die “net goed aflopen”, maar dat incidenten zich blijven voordoen.
In reactie op meldingen geeft de gemeente aan dat maatregelen pas mogelijk zijn bij groot onderhoud, dat momenteel niet is ingepland, en dat snelheidsovertredingen vooral een gedragsprobleem zijn, waarvoor
de politie verantwoordelijk is. Bewoners voelen zich hierdoor onvoldoende gehoord en maken zich grote zorgen over de veiligheid, met name voor kinderen en fietsers.
De vragen aan het college zijn:
Hoe beoordeelt het college de huidige verkeersveiligheid op het deel van de Dr. Boumaweg dat (nog) geen 30 km/uur-zone is, gezien het feit dat dit een druk bereden weg is met intensief auto-, fietsen voetgangersverkeer, en deelt het college de mening dat het verschil in inrichting en
snelheidsregime binnen één weg bijdraagt aan onduidelijkheid en onveilig rijgedrag?
Waarom is ervoor gekozen om, ondanks herhaalde meldingen en recente ongevallen op deze druk bereden weg, geen eenvoudige, tijdelijke of kleinschalige verkeersmaatregelen (zoals snelheidsremmende voorzieningen, belijning of bebording) te treffen en het betreffende deel van de Dr. Boumaweg niet alvast aan te wijzen als 30 km/uur-zone, ook wanneer (nog) geen fysieke herinrichting van de weg plaatsvindt?
Kan het college daarbij aangeven welke juridische, verkeerskundige of beleidsmatige belemmeringen hieraan ten grondslag liggen?
Is het college het met de bewoners eens dat het onwenselijk is om een aantoonbaar onveilige situatie te laten voortbestaan tot een moment van groot onderhoud dat nog niet is ingepland?
Welke mogelijkheden ziet het college om voorafgaand aan groot onderhoud tijdelijke of proefmaatregelen te nemen om de verkeersveiligheid te verbeteren?
Hoe weegt het college zijn zorgplicht voor verkeersveiligheid af tegen het argument dat te hard rijden vooral een gedragsprobleem is?
Is het college bereid om samen met bewoners, politie en verkeersdeskundigen opnieuw naar de situatie te kijken en met een concreet en tijdgebonden verbeterplan te komen?